Posts tonen met het label Luther. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Luther. Alle posts tonen

zaterdag 23 december 2017

De “Lutherse Hervorming” van paus Franciscus

door Roberto de Mattei
9 november

Op 31 oktober 2016 opende paus Franciscus het Lutherjaar doordat hij in de kathedraal van het Zweedse Lund de vertegenwoordigers van het wereldlutheranisme trof. Sindsdien volgden in de Kerk ad abundantiam “oecumenische” bijeenkomsten en vieringen. Precies een jaar later werd de “Lutherse Hervorming” door een symbolische handeling bezegeld waarvan de symbolische betekenis maar door weinig mensen gezien werd: de Vaticaanse Post gaf een postzegel uit waarmee de stichting gevierd wordt van het protestantisme dat zijn aanvang nam op 31 oktober 1517 met het vermeende plakaat met stellingen op de deur van de slotkerk van Wittenberg. “500 jaar protestantse hervorming” kan men op de postzegel lezen die op 31 oktober door het Bureau voor Filatelie van het Vaticaan gepresenteerd werd. In het officiële communiqué van het Vaticaanse bureau staat:

“De postzegel toon op de voorgrond de gekruisigde Christus voor een gouden en tijdloze achtergrond met de stad Wittenberg. In boetehouding, knielend links en rechts van het kruis, houdt Luther een opengeslagen bijbel in zijn handen, bron en doel van zijn leer, terwijl Philip Melanchton, theoloog en vriend van Maarten Luther, een van de belangrijkste figuren van de reformatie de Augsburgse Belijdenis, de Confessio Augustana, in de hand houdt, de eerste officiële uiteenzetting van de grondbeginselen van het protestantisme, die door hem werd samengesteld."

De vervanging van de Moeder Gods en de heilige Johannes aan de voet van het kruis door de beide aartsketters Luther en Melanchton is een godslasterlijke belediging, die tot nog toe door geen kardinaal of bisschop openlijk veroordeeld is. De betekenis van deze afbeelding wordt door de gemeenschappelijke verklaring van de Lutherse Wereldbond  en de Pauselijke Raad ter bevordering van de eenheid van de christenen verklaard. Deze werd op dezelfde dag als de postzegel gepubliceerd. De verklaring schildert de positieve balans van de dialoog tussen katholieken en lutheranen, bekrachtigt “een nieuwe visie op de gebeurtenissen van de 16de eeuw”, die “tot onze scheiding leidden”, en bevestigt de “diepe dankbaarheid voor de spirituele en theologische gaven die de reformatie ons gegeven heeft”.

Alsof dat nog niet genoeg was, vierde tegelijkertijd La Civiltà Cattolica, de “officieuze” stem van paus Franciscus, Luther met een artikel van P. Giancarlo Pani SJ (“Maarten Luther, 500 jaar later”). Pater Pani is dezelfde die in 2014 beweerde dat concilievaders van Trente volgens het algemene gebruik van de schismatieke Griekse Kerk scheiding en een tweede huwelijk bij echtbreuk zouden hebben toegestaan. Nu beweert hij dat Maarten Luther nooit een ketter is geweest maar een echte hervormer. Zo schrijft hij:

“De stellingen van Wittenberg zijn noch een provocatie, noch een rebellie tegen het gezag, maar een voorstel tot vernieuwing van de verkondiging van het evangelie met de oprechte wens tot “hervorming” van de Kerk”. …. Ondanks de aanspraak “ofwel van de Roomse Kerk ofwel van Luther dat zij de waarheid in zijn geheel belichamen en er de verkondiger van zijn”, kan niet de rol ontkend worden die Luther als geloofsgetuige gespeeld heeft. Hij is ‘de reformator’:  hij was in staat een hervormingsproces te beginnen waarvan ook de katholieke Kerk nut heeft gehad.”

Als dat zo is, dan is Luther ten onrechte door de Kerk vervolgd en 500 jaar lang verguisd. Daarom is het uur van zijn rehabilitatie gekomen. Om hem te rehabiliteren, kan men er zich niet toe beperken zijn profetisch werken te laten zien maar moet het zover komen dat de Kerk zijn “hervormingen” begroet en in daden omzet. Het postsynodale schrijven Amoris Laetitia is een beslissende stap op deze weg. De auteurs van de Correctio filialis hebben geenszins ongelijk als zij wijzen op “een gelijkenis tussen de ideeën van Luther over de wet, de rechtvaardiging en het huwelijk en de dingen die door uwe Heiligheid in Amoris Laetitiaen elders geleerd worden en die uw voorkeur genieten”.

Ter herinnering: paus Bergoglio is net als pater Pani lid van het Gezelschap van Jezus, waarvan de stichter de heilige Igantius van Loyola was, een leermeester van het geloof, die de goddelijke voorzienigheid in de 16de eeuw tegen het Lutheranisme deed opstaan. In Duitsland streden apostelen als de heilige Petrus Canisius en de zalige Petrus Faber om iedere meter tegen de ketters. Op het terrein van de antiprotestantse reactie was de heilige Robertus Bellarminus de grootste, eveneens een jezuïet.

De stichting van de Civiltà Cattolica vond plaats, onder aanmoediging van paus Pius IX, in 1859 en zij speelde lange tijd de rol van een echt bolwerk tegen de dwalingen van de tijd. Al in de eerste uitgave van 6 april 1850 wijdde zij een uitvoerige uiteenzetting (anoniem, maar van pater Matteo Liberatore) aan het politiek rationalisme van de Italiaanse revolutie. Daarin werd het portestantisme als oorzaak gezien voor alle moderne dwalingen. Deze stelling werd onder anderen door twee bekende jezuïetentheologen ontwikkeld: pater Giovanni Perrone (“Het protestantisme als geloofsregel”, La Civiltà Cattolica, Rome 1853, 2de band) en pater Hartman Grisar (“Luther”, Uitgeverij Herder, Freiburg in Breisgau 1911/1912, 3de band). Een bijzondere betekenis heeft de herdenking van Luther in oktober 1917 door het Romeinse jezuïetentijdschrift naar aanleiding van de 400ste jaardag van de stellingen in Wittenberg (“Luther en het lutheranisme”, La Civiltà Cattolica, IV (1917), blz. 207-233; 421-430). De auteur schrijft:

“Het wezen van de geest van Luther, dus van het lutheranisme, is de rebellie in de volle betekenis en de volle kracht van het woord. De rebellie die in Luther concreet vorm aannam, was dienovereenkomstig complex en principieel, ingewikkeld en diepgaand. Zij gedroeg zich gewelddadig, onbeheerst, triviaal, obsceen en duivels en ze was het ook. Tenslotte was zij berekenend afgestemd op de betreffende omstandigheden en zij had opportunistische en op belangen gebaseerde doelen, die afgewogen maar met grote vasthoudendheid werden nagejaagd”. (blz. 208)

Luther, aldus La Civiltà Cattolica “begon de onwaardige parodie waarmee de rebelse monnik aan God de ideeën, lastertaal en laaghartigheid van zijn perverse geest toeschreef: hij verguisde in naam Christus op ongehoorde wijze de paus, hij vervloekte in de naam van Christus de keizer, hij vloekte in de naam van Christus tegen de Kerk, de bisschoppen, de monniken met regelrechte duivelse heftigheid; hij hing in de naam van Christus zijn habijt aan de boom van Judas en in naam van Christus ging hij een verbintenis aan met een onheilige vrouw”(blz. 209)

“Onder het erg gemakkelijk voorwendsel de Schrift te volgen zoals het voorwendsel dat alleen de Schrift het Woord Gods bevat, voerde hij een oorlog tegen de scholastieke theologie, de Traditie, het kerkelijk recht, alle instituties van de Kerk en de Concilies. Al deze verheven en eerbiedwaardige zaken verving Maarten Luther, de meinedige monnik en de zichzelf onschadelijk vindende doctor, door zichzelf en zijn eigen autoriteit! De pausen, de kerkleraren, de heilige vaders hadden geen betekenis meer: meer dan al het andere gold het woord van Maarten Luther!" (blz. 212)

De Lutherse rechtvaardigingsleer tenslotte “is uit de fantasie van Luther ontsproten, niet uit het evangelie en niet uit een ander woord dat door God aan de auteurs van het nieuwe testament geopenbaard is. Volgens ons heeft elke nieuwigheid van Luther haar oorsprong, haar wellustige prikkel en haar ontwikkeling in een vervalsing van de heilige Schrift of in een formele leugen”(blz. 214).

Pani zal niet kunnen bestrijden dat zijn oordeel over Luther alles op zijn kop zet, wat zijn medebroeders honderd jaar geleden in hetzelfde tijdschrift over Luther geschreven hebben. In 1917 werd hij als afvallige, rebel en vuilspuiter veroordeeld. Nu wordt hij als hervormer, profeet en heilige gevierd. Geen enkele Hegeliaanse dialectiek is in staat een dergelijke tegenspraak tussen het oordeel van toen en het oordeel van nu met elkaar in overeenstemming te brengen. Ofwel was Luther een ketter, die enkele fundamentele dogma’s van het christendom loochende ofwel was hij een “geloofsgetuige” die een kerkhervorming begon die door het Tweede Vaticaans Concilie en door paus Franciscus wordt voltooid.
In één woord: iedere katholiek wordt opgeroepen te kiezen: tussen paus Franciscus en de jezuïeten van nu of de jezuïeten van gisteren en de pausen van alle tijden. Het is een tijd om te kiezen, en juist de meditatie van de heilige Ignatius over de twee banieren (Geestelijke Oefeningen, nr. 137) helpt ons die keuze in deze moeilijke tijden te maken.

Vertaling C. Mennen pr

Een betere beoordeling van Luther vinden we tegenwoordig bij (gewezen) protestanten. Wilt u die beoordeling horen, klik dan hier.

zaterdag 28 oktober 2017

500 jaar reformatie reden tot droefheid

Pastoor C. Mennen

Komende dinsdag 31 oktober is het precies 500 jaar geleden dat Maarten Luther volgens de overlevering zijn befaamde stellingen aan de deur van de slotkerk van Wittenberg spijkerde en dat geldt dan als het officiële begin van de Reformatie. Je kunt je voorstellen dat protestanten dit feit vieren als een bevrijding van het “Roomse juk” en terugkeer tot het “ware evangelische geloof” dat de katholieken al praktisch vanaf het begin van de Kerk om zeep hebben geholpen. Je kunt je vragen stellen bij de intellectuele zinnigheid van de reformatie. Immers: hoe kun je het rijmen dat enerzijds de Heilige Geest de totale Kerk van Oost en West 1500 jaar in de steek gelaten zou hebben en dat anderzijds diezelfde Heilige Geest nu op Luther zou zijn neergedaald en op alle protestanten die ieder voor zich voortaan met Zijn hulp de Bijbel lezen en daaruit de meest tegenstrijdige dingen halen hetgeen resulteert in talloze afsplitsingen, die dan allemaal afsplitsingen onder leiding van de Heilige Geest zouden moeten zijn. Het protestantisme wordt immers beheerst door een geest van tegenspraak. Maar enfin. Zij geloven erin en voor hen zou het feest kunnen zijn. Hoewel: dit schijnt met name ook in Duitsland, de bakermat van de Lutherse leer, erg tegen te vallen. Er wordt maar lauw gereageerd op de uit de Kirchensteuer betaalde grootse manifestaties van het Lutherjaar.

Tot mijn grote verbazing echter hebben veel leidinggevenden in de katholieke Kerk enthousiast gereageerd op het jubileum en hebben in dat kader merkwaardige uitspraken gedaan ten aanzien van iemand die vanuit een enorm ego onherstelbare schade aan de ene Kerk heeft toegebracht. Hij heeft niet alleen de Kerk gespleten maar ook de weg geëffend voor de secularisatie en het modernisme dat met name in de Lutherse theologie en de Lutherse gemeenschap is doorgebroken en als een gif ook de katholieke Kerk probeert aan te steken. Ik citeer hier enkele uitspraken van katholieke leiders ten aanzien van Luther. Luister en huiver!

Een document van de Pauselijke Raad voor de christelijke eenheid stelt Luther op één lijn met de H. Ignatius van Loyola en de H. Franciscus Borgia en noemt hem “een getuige van het evangelie”. Dit noem ik, met alle verschuldigde respect voor de pauselijke raad: baarlijke nonsens! Luther verwerpt heel de leerstellige traditie van 1500 jaar en maakt zichzelf tot gezagvolle uitlegger van de H. Schrift tegen de Kerk in en verkondigt de ene ketterij na de andere. Niet bepaald als een “getuige van het evangelie” toonde Luther zich in zijn uitingen over joden en vrouwen. Verder was hij medeverantwoordelijk voor de dood van 70.000 tot 100.000 boeren in de Boerenoorlog (1524-1525). Hij schreef daarover: “” Het doden van een boer is geen moord. Het helpt de brand te doven. Laat daarom wie kan hen neerslaan, doden en neersteken, heimelijk of openlijk en bedenk daarbij dat er niets is wat giftiger, pijnlijker en duivelser is dan een rebel…… Sla ze neer als dolle honden….”

Deze man noemt kardinaal Marx, voorzitter van de Duits Bisschoppenconferentie: “een eerbiedwaardige Godzoeker en ik zou wensen dat mijn pastoors en theologen zo waren.” Een vreemd ideaalbeeld, zelfs voor Duitse priesters en theologen.

De Duitse bisschoppen die blijkbaar collectief aan waanvoorstellingen lijden noemen Luther “een leraar van het geloof” en ze klagen erover dat de Kerk te weinig naar hem heeft geluisterd. Ze vinden dat in de afgelopen 500 jaar de reformatie te negatief is bekeken. We zetten hier Luthers eigen woorden maar tegenover: “Ook wij zaten vroeger vast aan de kont van die helse hoer, die nieuwe kerk van de paus. En we hebben spijt dat we zoveel tijd en energie besteed hebben aan dat vuile hol. Maar God zij geprezen en gedankt dat hij ons gered heeft van die scharlaken hoer.” En verder: “De pauselijke ezel wil heer van de kerk zijn maar hij is niet eens christen, hij gelooft niets en kan niets anders dan schijten als een ezel.”

Bisschop Galantino, de door de paus zelf aangestelde secretaris-generaal van de Italiaanse bisschoppenconferentie zei op een bijeenkomst in de Lateraanse Universiteit in Rome: “De Reformatie waar Maarten Luther 500 jaar geleden mee begon, was een werk van de Heilige Geest. Deze vertrouweling van de paus maakt het wel erg bont.  Schelden tegen de Kerk, het verwerpen van vijf van de zeven sacramenten, het verwerpen van de hiërarchie zou dat het werk van de Heilige Geest zijn? Als je dat denkt, ben je oecumenisch wel heel verblind!

In “Civiltà Cattolica”, het jezuïetentijdschrift dat rechtstreeks onder het toezicht van de paus staat, vraagt de jezuïet Pani zich af of Luther een ketter is en dat is hij dan volgens Pani niet. Dat sluit dan naadloos aan bij het boek van kardinaal Walter Kasper, de Duitse vertrouweling van paus Franciscus: “Luther hatte recht” (Luther had gelijk) (2016).

Als dat allemaal waar zou zijn, dan heeft het Concilie van Trente (1545-1563) dat Luthers ketterijen veroordeelde en aan de echte katholieke reformatie (Contrareformatie) begon, tegen windmolens gevochten.

Hier tegenin klink af en toe een verstandig woord zoals van kardinaal Gerhard Müller (tot voor kort prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer). Hij zegt in een interview: “Er heerst grote verwarring als men tegenwoordig over Luther spreekt en men moet duidelijk zeggen dat vanuit het gezichtspunt van de kerkelijke leer het geen hervorming maar een revolutie was.” De Kerk is niet vernieuwd maar de fundamenten van het geloof zijn volledig veranderd. “Het is niet reëel te beweren dat het alleen zijn bedoeling was enkele misbruiken rond de aflaat te bestrijden of andere zonden van de Renaissancekerk. Misbruiken zijn er in de Kerk altijd geweest en ook nu zijn er die.” Het gaat om veel meer: “Hij heeft de objectieve werkzaamheid van de sacramenten vervangen door een subjectief geloof… Hij heeft het offerkarakter van de eucharistie ontkend en ook de werkelijke verandering van brood en wijn in het Lichaam en Bloed van Christus en nog meer: hij heeft het sacrament van de bisschopswijding een uitvinding van de paus genoemd… Dat is echter een wezenskenmerk van de katholieke Kerk en niet zomaar een organisatievorm. De Reformatie is dus niet een gebeuren van de Heilige Geest, geen echte hervorming van de Kerk.”

Oecumene is goed maar niet ten koste van de waarheid. De katholieke Kerk is en moet blijven (tegen alle ketterijen van verleden, heden en toekomst in): de hoedster van de waarheid die haar door Christus is toevertrouwd. Met het oog op deze taak heeft Christus haar de voortdurende bijstand van de Heilige Geest beloofd.

Als de Lutheranen en de andere protestanten hiervoor na 500 jaar wat meer oog zouden krijgen, zijn we een stuk verder en is er misschien nog een keer reden tot feest.

feest van de heilige apostelen Simon en Judas
28 oktober 2017