vrijdag 4 augustus 2017

De drie musketiers aan het hof van paus Franciscus

Vertaling pastoor Mennen

Paus Franciscus heeft trouwe aanhangers rond zich heen verzameld. Zij zeggen soms in zijn naam de dingen die hij niet hardop durft te zeggen omdat ze als ketterij gezien zouden kunnen worden. Sandro Magister voert drie van hen ten tonele naar aanleiding van een aanval op de behoudende katholieken en protestanten in Amerika, waarin de mening van paus verwoorden maar als goede volgelingen ook zijn stijl laten zien.

door Sandro Magister

De klassieken communistische partijen hadden hun “organische intellectuelen” (intellectuelen in dienst van een speciale groep). Maar paus Franciscus heeft ze ook. Hun namen zijn Antonio Spadaro, Marcelo Figueroa en Victor Manuel Fernández.

De eerste is Italiaan en jezuïet, hoofdredacteur van “La Civiltà Cattolica”. De andere twee zijn Argentijnen en de laatste is zelfs niet katholiek maar een presbyteriaanse dominee, en ondanks dat heeft paus Franciscus hem aan het hoofd geplaatst van de Argentijnse editie van de “Oservatore Romano”.

Spadaro heeft “La Civiltà Cattolica” veranderd in het orgaan van Santa Marta, te weten van de paus. En samen met Figueroa zette hij zijn naam onder een artikel in de jongste uitgave van het tijdschrift dat in Amerika insloeg als een bom, omdat het artikel de conservatieve katholieke en protestantse kringen ervan beschuldigde in dat land bezig te zijn “met een logica die niet verschilt van wat het islamitische fundamentalisme inspireert”, niet minder dan van Osama bin Laden en het Kalifaat. En waarop hebben deze katholieken en protestanten, volgens hen, elkaar gevonden in hun gevecht als “neo-kruisvaarders”? Op onderwerpen als abortus, gelijkgeslachtelijk huwelijk, godsdienstige opvoeding op de scholen”, met andere woorden op “een bijzondere vorm van de verdediging van de vrijheid van godsdienst”. Met als resultaat – volgens de twee auteurs van het artikel – het aanwakkeren van een “oecumene van de haat” en een heimwee naar “een staat met theocratische trekken”. Het precieze tegendeel van de oecumene van Jorge Mario Bergoglio, een paus van “inclusie, vrede en ontmoeting”. Het probleem is dat de verdediging van het leven, van het gezin, van vrijheid van godsdienst gedurende meer dan een decennium vooraan op de agenda van de katholieke Kerk van Amerika hebben gestaan. Het is daarom vanzelfsprekend dat zij reageerde toen zij zag dat “gelovigen werden aangevallen door hun medegelovigen alleen omdat zij vochten voor wat hun kerken altijd voor waar hadden gehouden”.

Het protest op het hoogste niveau kwam van de aartsbisschop van Philadelphia, Charles Chaput. Hij verwierp het artikel van Spadaro en Figueroa als een “oefening in versimpeling en als onder de maat”. Maar andere commentaren waren veel scherper en hadden geen enkele moeite om een reeks kolossale historische en logische blunders in het artikel aan te wijzen.

Ieder ander tijdschrift zou een dergelijk artikel eruit gegooid hebben, schreef de Canadees Raymond J. de Souza bij voorbeeld in “Crux”, de belangrijkste en evenwichtigste website met katholieke informatie in de Verenigde Staten. Maar in Santa Marta, aan het bureau van Franciscus, liep het zo niet af en integendeel slaagde het artikel van Spadaro en Figueroa daar met de hoogste cijfers en baarde nog meer opzien doordat het correct werd geïnterpreteerd door iedereen als de uitdrukking niet alleen van de gedachten van de paus maar ook van zijn bestuursstijl:  in dit geval een aanval van ongekend kracht op “Ratzingeriaanse” leiding van de katholieke Kerk in de Verenigde Staten, maar dfan uitgevoerd door tussenpersonen.

In het leerstellige kamp is pater Spadaro tamelijk nonchalant met zijn theorie dat 2 + 2 5 kan zijn, maar hij is onfeilbaar in het voorspellen van Bergoglio’s grote en kleine revoluties. Maar onder de raadgevers en vertrouwelingen is er een die nog dichter bij de paus staat dan hij. En dat is niemand anders dan de Argentijn Victor Manuel Fernández, een theoloog wiens eerste en onthullende werk in 1995 een band was met de titel: “Genees mij met je mond. De kunst van het kussen”.

Het kwam niet als een verrassing dat na zijn debuut en na zijn andere niet minder discutabele schrijfsels Rome de benoeming van Fernández tot rector van de Universdad Católica Argentina wilde verhinderen. Zij zijn uiteindelijk alleen door de knieën gegaan, in 2009, voor de toenmalige aartsbisschop van Buenos Aires, die keihard vocht om een machtiging te krijgen voor de bevordering van zijn protegé.

In 2013, meteen nadat hij paus gekozen was, maakte Bergoglio Fernández zelfs aartsbisschop. En vanaf die tijd brengt dit personage meer tijd in Rome door dan in Argentinië, druk als hij is met op te treden als raadgever en ghostwriter van zijn vriend, de paus. Hele paragrafen van hoofdstuk acht van “Amoris Laetitia”,  het document van paus Franciscus dat Kerk het meest heeft geschokt, zijn op grote schaal, naar het blijkt, gekopieerd uit artikelen van Fernández van een tiental jaren geleden.

Waar staat paus Franciscus werkelijk als het gaat over contraceptie?

Vertaling pastoor Mennen

Onderstaand artikel is al verschenen in Voice of the Family op 1 februari 2017. Het overzicht geeft een goed beeld van waar de paus staat op een belangrijk punt van de katholieke leer.

Wat er gebeurde rond het aftreden van de Grootmeester van de Soevereine Orde van Malta en de benoeming van een “pauselijke delegaat” om te helpen bij de “vernieuwing” van de orde roept opnieuw vragen op over de mate waarin paus Franciscus instemt met de leer van de katholieke Kerk rond vragen van de seksuele moraal. In dit artikel willen we in het licht van recente gebeurtenissen terugkomen op vroegere zorgen betreffende de positie van paus Franciscus ten aanzien van contraceptie.

In het centrum van de crisis in de Orde van Malta staat de verdeling van voorbehoedsmiddelen en abortus veroorzakende medicijnen gedurende een aantal jaren door Malteser International (MI), de humanitaire tak van de orde. Edward Pentin heeft ons details van MI programma’s  verschaft in zijn uitgebreid artikel over dit onderwerp. Een onderzoek van het Lepanto Instatute zorgde voor verdere informatie over het werk van MI die wereldwijd condooms en abortus veroorzakende medicijnen bevorderde. Onder hun bevindingen springen de volgende feiten in het oog:

* MI deelde 52.190 condooms uit in Burma (Myanmar) in 2005 en 59.675 in 2006.
* Een rapport van de Wereld Gezondheids Organisatie uit 2006, getiteld Reproductive Health Stakeholder Analysis in Myanmar 2006 spreekt over “gezinsplanning” onder de “terreinen van deskundigheid” van MI, “contraceptie” onder zijn “activiteiten” en “geboortenspreiding” onder de plannen voor de toekomst. Het rapport onthult ook dat MI orale voorbehoedsmiddelen heeft verschaft aan 2500 vrouwen in één Burmese buurtschap.
* In 2007 ontving MI een tegemoetkoming van $ 1.7 miljoen van het Three Disease Fund voor wie zij 300.000 condooms uitdeelden in Burma.
* In 2012 werd MI een partner van Save the Children om een gezamenlijk project uit te voeren, waarvoor zij $ 2.1 miljoen ontvingen van het Global Fund om nog meer condooms in Burman te verspreiden in de periode van 2013-2016.

Malteser International werd gedurende deze periode geleid door Albrecht baron von Boeselager. Een intern onderzoek door de Orde van Malta kwam tot de bevinding dat von Boeselager uiteindelijk verantwoordelijk was voor de programma’s die het uitdelen van condooms en van abortus veroorzakende medicijnen met zich mee brachten. Zijn rol bij MI was een van de belangrijkste oorzaken die resulteerden in zijn ontslag als Groot Kanselier door de Grootmeester, Fra Matthew Festing op 6 december 2016 nadat hij twee keer had geweigerd zelf ontslag te nemen. Von Boeselager ging in beroep bij het Vaticaan. Er werd een commissie benoemd om zijn ontslag te onderzoeken. Edward Pentin heeft uitgebreide en verontrustende informatie naar voren gebracht rond de samenstelling van deze commissie, die voor het grootste gedeelte lijkt te hebben bestaan uit vriendjes en bondgenoten  van von Boeselager. De Soevereine Orde van Malta, die een soevereinde grootheid is, weigerde de wettigheid te aanvaarden van deze inmenging in hun interne aangelegenheden.

Op 24 januari 2017 werd Fra Matthew Festing door paus Franciscus gevraagd terug te treden en hij willigde het verzoek in. Daags erna verklaarde Pietro kardinaal Parolin, de Vaticaanse staatssecretaris dat de paus alle handelingen van Fra Festing sinds 6 december ongeldig verklaarde en daarmee verklaarde hij het ontslag van von Boeselager ongeldig. Het terugtreden van Fra Festing werd aanvaard door de Soevereine Raad van de Orde van Malta op 28 januari en er werd aangekondigd dat von Boeselager hersteld was in de positie Groot Kanselier van de Orde.
Kortom paus Franciscus heeft een man in zijn ambt hersteld die uiteindelijk verantwoordelijk was voor het uitdelen van condooms en abortus veroorzakende medicijnen, terwijl hij een man uit zijn ambt verwijderde die ervoor probeerde te zorgen dat de Orde van Malta trouw bleef aan de katholieke leer. In het licht hiervan en van het feit dat hij niet wil bevestigen dat hij de leer aanvaardt over het bestaan van in zich slechte daden, is het redelijk andere  bedenkingen bij het standpunt van Franciscus rond de morele geoorloofdheid van voorbehoedmiddelen de revue te laten passeren.. De lijst hieronder vestigt de aandacht van de lezer op belangrijke voorvallen die wij geconstateerd hebben; het is niet de bedoeling volledig te zijn.

5 maart 2014
Paus Franciscus werd geïnterviewd  door de Corriere della Sera. Hij werd gevraagd: “Kan de Kerk een halve eeuw na de encycliek Humanae Vitae van Paulus VI het thema van de geboorteregeling opnieuw oppakken? Kardinaal Martini, uw confrater, dacht dat dit moment was gekomen.” In zijn antwoord benadrukte paus Franciscus dat “Paulus VI zelf uiteindelijk de biechtvaders aanraadde meer barmhartigheid te tonen en aandacht voor concrete situaties”. De paus stelde ook “dat het geen kwestie is van het veranderen van de leer maar van dieper gaan en het pastoraal (dienstwerk) rekening laten houden met de omstandigheden en met wat het voor mensen kan doen. Ook hierover zullen we spreken op de weg van de synode.” De totale implicatie van deze woorden zullen duidelijker worden tijdens het twee jaar durende synodeproces.

13 oktober 2014
De heterodoxe (ketterse) relatio post disceptationem (tussenrapport) van de buitengewone Synode wordt gepubliceerd na de persoonlijke goedkeuring van paus Franciscus. Dit document toont een dubbelzinnige benadering van contraceptie en een benadering van het geweten en de natuurwet op een wijze die onvermijdelijk de morele leer van de Kerk zal ondergraven. De afwisseling van orthodoxe (rechtzinnige) bevestigingen van de katholieke leer en dubbelzinnige en onjuiste uitspraken volgt in al de opeenvolgende synodedocumenten.

19 oktober 2014
Het slotdocument van de Buitengewone Synode volgt de benadering van de boven genoemde relatio. De behandeling van contraceptie en de natuurwet zijn meer gedetailleerd behandeld in de analyse van dit document van de Voice of the Family.

16 januari 2015
Paus Franciscus verwijst naar Humanae Vitae in een toespraak tot de gezinnen in de Filippijnen waarin hij de nadruk legde niet op de centrale leer van de encycliek maar op zijn bewering dat Paulus VI “erg barmhartig was ten aanzien van afzonderlijke gevallen, en dat hij de biechtvaders vroeg erg barmhartig te zijn en begripvol in afzonderlijke gevallen. Maar hij had ook een bredere visie: hij keek naar de volkeren op aarde en hij zag de dreiging dat de gezinnen zouden worden vernietigd voor een gebrek aan kinderen.” De implicatie van deze passage, speciaal in het licht van de commentaren van 19 januari (hieronder), is dat contraceptie gedoogd kan worden in afzonderlijke gevallen, dat de leer van de Kerk “een breder visie” is of een ideaal. Dit zou hetzelfde zijn als het “gradualisme” dat goedgekeurd wordt in de synodedocumenten en in Amoris Laetitia.

19 januari 2015
Paus Franciscus vertelt de journalisten tijdens een persconferentie op zijn terugvlucht uit Manila, dat de encycliek Humanae Vitae niet ging over “persoonlijke problemen”. In die persoonlijke problemen zei hij de biechtvaders barmhartig te zijn, de situatie te begrijpen en te vergeven, om te begrijpen en vergevend te zijn”. In de encycliek gaat het eerder om “het algemene neomalthusianisme dat in opmars was”. Zo framet hij Humanae Vitae niet als allereerst handelend over een algemeen bindende norm maar eerder als een politiek antwoord op een ideologische beweging. Tijdens dezelfde persconferentie kritiseerde hij een moeder die acht kinderen had via een keizersnede en klaagde haar aan dat ze schuldig was aan het op de proef stellen van God. Hij zei verder dat katholieken “verantwoord ouderschap” moeten praktiseren en niet moesten “fokken als konijnen”.

17 juni 2015
Paus Franciscus benoemd klimaatwetenschapper Hans Schellnhuber in de Pauselijke Academie voor Wetenschappen. Schellhuber gelooft dat er een “bevolkingsprobleem” is en hij heeft voorheen gezegd dat de “draagkracht van de planeet” ligt “onder de miljard mensen”. Schellnhubers stellingen zijn meer in detail geanalyseerd door de Voice of the Family in dit artikel.

18 juni 2015
Paus Franciscus promulgeert de encycliek Laudato Si waarin hij de theorie van de klimaatverandering en de milieuagenda onderschrijft. De encycliek verwijst niet direct naar contraceptie ondanks de nauwe verbinding tussen milieubeweging en bevolkingscontrolebeweging. Dat verband vindt een voorbeeld in de keuze van het Vaticaan voor Hans Schellnhuber en Carolyn Woo, de toenmalige voorzitter en CEO van Catholic Relief Services, een Amerikaanse organisatie die groepen heeft gesticht die abortus  en contraceptie  promoten, om het document op de dag van publicatie te presenteren.

23 juni 2015
Het instrumentum laboris van de gewone synode wordt gepubliceerd. Dit document, dat voor publicatie goedgekeurd is door paus Franciscus, ondergraaft op ernstige wijze de leer van de Kerk over contraceptie en haar morele leer in het algemeen. Dit wordt in detail uitgelegd in de analyse van het document in de Voice of the Family.

10 september 2015
65 academici doen een beroep op de vaders van de toekomstige Gewone Synode om de “de vervalsing van de katholieke leer die impliciet aanwezig is in paragraaf 137” van het Instrumentum Laboris af te wijzen. Zij schrijven: “Paragraaf 137 behandelt een fundamenteel document van het hedendaags Leergezag, Humanae Vitae, op een manier dat het de kracht van die leer in vraag stelt en een methode van morele onderscheiding voorstelt die beslist niet katholiek is. Deze benadering van onderscheiding is in tegenspraak met wat tot nu toe door het Magisterium van de Kerk over morele normen, over geweten en moreel oordeel is geleerd, door te suggereren dat een goed gevormd geweten in conflict kan komen met objectieve morele normen.”

24 oktober 2015
Het slotdocument van de Gewone Synode heeft nog steeds een ernstig problematische benadering van de morele wet, en van de contraceptie in het bijzonder.

30 november 2015
Paus Franciscus verklaart, in de context van een vraag over het gebruik van condooms om de overdracht van HIV te voorkomen, dat er een conflict zou kunnen zijn tussen het vijfde en het zesde gebod. Een Duitse journalist vroeg: “Is het geen tijd dat de Kerk haar positie in dezen wijzigt? Dat ze het gebruik van condooms toestaat om meer infecties te voorkomen? In zijn antwoord stelde paus Franciscus: “Ja, het is één van de methodes. De moraal van de Kerk wordt op dit punt in verlegenheid gebracht: het vijfde of het zesde gebod? Verdedig je het leven of seksuele relaties die open staan voor leven?” In feite kan er nooit een conflict zijn tussen de geboden van de dekaloog. Paus Franciscus  bedoelt verder dat de leer van de Kerk op dit punt geen prioriteit heeft: “De vraag doet me denken aan de vraag die ze eens aan Jezus stelden: “Zeg me, Meester, is het volgens de wet geoorloofd op sabbat iemand te genezen? Is het een verplichting om te genezen?”  Deze vraag “als je dit doet is het volgens wet” maar ondervoeding, de ontwikkeling van de persoon, slavenarbeid, het gebrek aan drinkwater, dat zijn de problemen. Laten we niet praten over of je dit of dat type verband moet gebruiken voor een kleine wond, de ernstige wond is de sociale ongerechtigheid, de milieu ongerechtigheid…. als allen genezen zijn, als deze ziekten, deze tragedies er niet meer zijn die mensen veroorzaken uit sociale onrechtvaardigheid of om meer geld te verdienen, ik denk aan de wapenhandel, als deze problemen er niet langer zijn, dan kunnen we, denk ik de vraag stellen “is het volgens de wet geoorloofd om op sabbat iemand te genezen?”

10 december 2015

Kardinaal Tucson suggereert dat de wereld overbevolkt zou kunnen raken en hij zegt dat “erover gesproken is, dat de heilige vader op zijn terugreis uit de Filippijnen de mensen heeft uitgenodigd tot een vorm van geboorteregeling, omdat de Kerk nooit tegen geboorteregeling is geweest en geboortespreiding en dat soort dingen.” Hij verklaarde later dat hij beter de term “verantwoord ouderschap” had kunnen gebruiken dan “geboorteregeling”.

18 februari 2016
Paus Franciscus lijkt te willen zeggen dat condooms “het minste van twee kwaden is” dat kan worden gebruikt om overdracht van het Zikavirus te voorkomen en doet opnieuw de foutieve bewering dat er een “conflict kan zijn tussen het vijfde en het zesde gebod” van de dekaloog. Hij lijkt daarmee te willen zeggen dat de kwestie van de contraceptie “een godsdienstig” probleem is eerder dan een “menselijk probleem”. Deze niet samenhangende  benadering van de morele wet werd al voorspeld door Voice of the Family in onze analyses van de synodedocumenten.

19 februari 2016
Het Vaticaanse persagentschap bevestigt dat paus Franciscus in zijn opmerkingen de vorige dag de bedoeling had het gebruik van condooms in bepaalde gevallen goed te keuren.

8 april 2016
De apostolische exhortatie Amoris Laetitia wordt gepromulgeerd. Dit document bouwt voor op de foutieve benadering in de synodedocumenten ten aanzien geweten en natuurwet en gaat verder met een foutieve benadering van de moraaltheologie, welke gradualisme, situatiemoraal en de fundamentele optie inhoudt.

1 september 2016
Paus Franciscus zegt dat hij “blij” is met het aannemen van de United Nations Sustainable Development Goals (SDGs),  waarin ook staat “algemene toegang tot seksuele en reproductieve gezondheid”. Deze termen omvatten contraceptie en abortus door UN vertegenwoordigingen, nationale regeringen en internationale agentschappen. Aartsbisschop Mupendwatu van de Pauselijke Raad voor gezondheidswerkers had eerder gezegd tot de Wereldgezondheidsraad in Genève dat Heilige Stoel zonder voorbehoud de SDGs verwelkomde en dat Doel 3, voor de twee doelen die oproepen tot “universele toegang tot seksuele en reproductieve gezondheid, de sleutel was om te  komen tot de andere doelen. De verzekering van de paus dat hij “blij” is met de doelen die zullen leiden tot het verder doden van ongeboren kinderen, dreigt de geloofwaardigheid te niet te doen van de sterke verklaringen die hij tijdens zijn pontificaat heeft gedaan tegen abortus.

19 september
Vier kardinalen schrijven naar de paus met de vraag een antwoord te geven op de vijf dubia die zij hebben over de leer van Amoris Laetitia. De dubia, die vragen oproepen betreffende de aard van het geweten en het bestaan van intrinsiek zedelijk kwaad, zijn van groot belang voor de leer van de Kerk over de contraceptie.

24 oktober 2016
Paus Franciscus prijst Bernard Häring, een moraaltheoloog en invloedrijk tegenstander van Humanae Vitae. Hij zei tegen 36ste Generale Congragatie (van de jezuïeten) dat Häring “de eerste was die begon te kijken naar een nieuwe manier om de moraaltheologie opnieuw te laten bloeien”, en  dat “in onze tijd de moraaltheologie een grote vooruitgang heeft gemaakt in zijn overwegingen en in zijn rijpheid”.

14 november 2016
De vier kardinalen maken de tekst van de dubia publiek nadat paus Franciscus hen te kennen geeft dat hij niet plan is een antwoord te geven. De beslissing van de paus om niet helder uiteen te zette wat de betekenis is van zijn eigen tekst, sterkt de algemene opvatting dat deze leer opzettelijk dubbelzinnig is en ten doel heeft het katholieke geloof te ondergraven.

De voorbeelden die we hierboven hebben opgesomd laten de mate zien waarin het pontificaat van paus Franciscus een wijd verspreide twijfel en verwarring heeft veroorzaakt betreffende de leer van de Kerk rond vragen betreffende de seksuele moraal, zoals contraceptie. In dit uur van grote crisis voor de Kerk moeten we ons met steeds groter vertrouwen wenden tot God in gebed en boete dat Hij spoedig zijn almacht toont en zijn Kerk verlossing brengt.

Echtbreuk

Uit: De Geschriften 1943, Maria Valtorta blz. 322. Uitg. St. Maria Valtorta

Jezus zegt:
“Tot jou, die ongehuwd bent, te spreken over dit onderwerp, kan je verbaasd doen staan, maar jij bent alleen maar 'spreekbuis' en daarom moet je je onderwerpen aan het overbrengen van alles. Wat Ik nu zeg, dient de anderen. Het is van nut om één en meerdere dwalingen te corrigeren, die steeds dieper zijn geworteld in deze wereld.
De wereld is verdeeld in twee grote categorieën. De eerste, die zeer groot is, is die zonder enige scrupule: noch menselijk, noch spiritueel. De tweede is die van de godvruchtigen, die echter weer wordt onderverdeeld in twee klassen: die van de rechtschapen godvruchtigen en de kleingeestige godvruchtige mensen. Ik spreek over de eerste grote categorie en over de tweede klasse van de tweede categorie.
Het huwelijk is niet door God verworpen, zozeer dat Ik het heb verheven tot een Sacrament. En hier spreek Ik zelfs niet over het huwelijk als Sacrament, maar over het huwelijk als echtverbintenis, zoals de Schepper haar heeft gemaakt toen Hij man en vrouw schiep, opdat ze zich zouden verenigen en één vlees zouden vormen (Gen. 2:18-25), dat, eenmaal verenigd, geen menselijke kracht kan noch mag scheiden.
Bij het zien van jullie hardheid van hart, een steeds grotere hardheid, heb Ik het voorschrift van Mozes (Deut. 24:1-14; Matth. 19:3-9; Mc.10:1-12) veranderd en vervangen door het Sacrament. Het doel van Mijn daad was een hulp te geven voor jullie ziel als echtgenoten tegen jullie dierlijke vleselijkheid, en een rem tegen het ongeoorloofde gemak waarmee jullie verstoten wat jullie eerst hebben gekozen, om over te gaan naar nieuwe, ongeoorloofde verbintenissen, met verlies van jullie ziel en de ziel van jullie kinderen.
Ieder die een door God geschapen Wet, om het wonder van de schepping voort te zetten, tot schande strekt, vergist zich ernstig – en in het algemeen zijn dat niet de meest kuisen maar de meest huichelachtigen, want de kuisen zien in de vereniging niets anders dan de heiligheid van het doel, terwijl de anderen denken aan de feitelijkheid van de daad – zoals degene die met schuldige lichtzinnigheid gelooft ongestraft voorbij te kunnen gaan aan Mijn verbod om over te gaan tot nieuwe liefdes zolang de eerste niet door de dood is ontbonden.
Echtbreker en vervloekt is die levende, die een verbintenis verbreekt die eerst gewild was, omwille van een gril van het vlees of uit morele onverdraagzaamheid tegenover hen die anders denken. Want als hij of zij zegt dat de echtgenoot voor hem of haar nu oorzaak van last en weerzin is, zeg Ik dat God aan de mens het vermogen tot nadenken en het intellect heeft gegeven, opdat hij het gebruike, en des te meer in zaken van zo groot belang als de vorming van een nieuwe familie; Ik zeg ook dat, als men een eerste keer verkeerd heeft gehandeld door lichtzinnigheid of uit berekening, men de consequenties moet dragen om geen groter ongeluk te scheppen, dat vooral neerkomt op de beste van de echtelieden en op de onschuldige kinderen, tot lijden gebracht meer dan het leven verdraagt, en tot oordelen van hen die Ik door voorschrift onbeoordeelbaar heb gemaakt: de vader en de moeder (Ex. 20:12; 21:17; Lev. 20:9; Deut. 5:16; Mt. 15:1-9; Mc. 7:6-13). Ik zeg tenslotte, dat de kracht van het Sacrament, als jullie echte Christenen zouden zijn en niet die bastaarden die jullie zijn, in jullie zou moeten werken, echtgenoten, om van jullie één enkele ziel te maken die zichzelf bemint in één vlees alleen, en niet twee wilde beesten die elkaar haten, gebonden aan eenzelfde keten.
Echtbreker en vervloekte is die levende, die met gemene huichelarij twee of meer echtelijke levens leidt, en weer binnenkomt bij de andere echtgenoot en bij de onschuldige kinderen met de koorts van de zonde in het bloed en de geur van de ondeugd op de liegende lippen.
Niets maakt het voor jullie geoorloofd echtbreker te zijn. Niets. Niet het verlaten zijn of de ziekte van de echtgenoot, en nog veel minder zijn of haar meer of minder hatelijke karakter. Meestal is het jullie wellust die jullie de metgezel of de metgezellin als hatelijk doet zien. Jullie willen het zo zien om voor jezelf je schandelijke handelwijze te rechtvaardigen, die jullie geweten jullie verwijt.
Ik heb gezegd – en ik verander Mijn woorden niet – dat niet alleen wie overspel pleegt een echtbreker is, maar wie het in zijn hart verlangt te plegen, want hij of zij kijkt met zinnelijke honger naar de vrouw of de man die niet de hunne is (Mt. 5:27-28)
Ik heb gezegd – en Ik verander Mijn woorden niet – dat diegene een echtbreker is die door zijn of haar manier van doen de ander in een positie brengt om op zijn of haar beurt echtbreker te zijn. Tweemaal overspelig, zullen zij de eigen verloren ziel moeten verantwoorden en die welke ze ertoe hebben gebracht verloren te gaan door hun onverschilligheid, nalatigheid, lompheid en ontrouw.
Op hen allen drukt de vloek van God, en gelooft niet dat dit een wijze van spreken is.

De wereld wordt één puinhoop, omdat op de eerste plaats de families zijn verwoest. De rivier van bloed, die jullie overstroomt, heeft zijn dijken afgebrokkeld door jullie individuele ondeugden, die meer of minder grote leiders hebben aangespoord – van de hoofden van staat tot de hoofden van dorpen – om dieven te zijn en machtswellustelingen, om geld te hebben en roem voor hun wellusten.
Kijkt naar de geschiedenis van de wereld: ze is vol voorbeelden. De wellust is, altijd in een drievoudige combinatie, de oorzaak van jullie ruïnes. Hele staten zijn vernietigd, naties uit de schoot van de Kerk gerukt, honderdjarige scheuringen zijn er geschapen tot ergernis en kwelling van rassen, door de vleselijke honger van de leiders.
En het is logisch dat het zo is. De wellust dooft het Licht in de geest en doodt de Genade. Zonder Genade en zonder Licht verschillen jullie niet van de wilde dieren en plegen daarom dierlijke daden.

Gaat je gang maar, als dat jullie bevalt. Maar onthoudt, verdorvenen, die de huizen en de harten van de kinderen ontwijden met jullie zondigen, dat Ik zie, onthoud en jullie verwacht. In de blik van jullie God, die de kinderen beminde en voor hen de familie heeft geschapen (Mc. 10:5-16), zullen jullie een Licht zien dat jullie niet zouden willen zien en dat jullie als door de bliksem zal treffen.”

zondag 30 juli 2017

De anatomie van een fiasco

Hieronder staat een uitvoerig commentaar op Amoris Laetitia van de Amerikaanse jurist, Christopher Ferrara dat in het tijdschrift "The Remnant" verschenen is. Met dank aan pastoor Mennen die dit vertaald heeft.

“Geen enkele voorkomende moeilijkheid, hoe groot ook, kan het rechtvaardigen dat Gods wet buiten werking wordt gesteld die alle handelingen verbiedt die in zich slecht zijn. Er zijn geen omstandigheden denkbaar waarin man en vrouw niet, vanuit de kracht van Gods genade, trouw hun plichten kunnen vervullen en hun ongerepte deugdzaamheid kunnen bewaren.”(Pius XII, Casti Connubii).

Zoals kardinaal Burke in een artikel dat in “National Catholic Register” verschenen is, heeft gezegd, blijkt Amoris Laetitia bij zorgvuldige lezing “een persoonlijk en dus geen magisterieel” document, “een persoonlijke beschouwing van de paus”, die “men niet mag verwarren met de verplichting in geloofsvragen waaraan men bij de uitoefening van het Leergezag gebonden is”. Dat is meer dan waar, maar misschien niet vanwege de redenen die de kardinaal noemt, zoals ik in de conclusie van dit artikel zal aangeven.

Maar dat lost nog niet het zwaarwegende probleem op dat door dit “Apostolisch Schrijven” van 56 bladzijden, dat tot nu toe zonder precedent is, wordt opgeworpen. De motivatie voor alles wat hier volgt ligt in het feit dat paus Franciscus Amoris Laetitia zo afgekondigd heeft, als ging het om  een authentieke en bindende act van het Magisterium en in het feit dat dit schrijven door zijn medewerkers en de kerkelijke progressieven overal in de wereld als zodanig beschouwd wordt. Daarom is Amoris Laetitia een verdere bouwsteen in de “The Great Façade”  van de pseudo-doctrines  in de vorm van niet bindende pastorale en disciplinaire vernieuwingen en nieuwe gedragswijzen en “benaderingen” die allemaal voor de eerste keer opdoken in die geweldige tijd, die als de “zestiger jaren” bekend staan. Daartoe horen de nieuwe liturgie, “oecumenisme”, “dialoog” en “interreligieuze dialoog”. De effecten van hun samengaan zijn ruïneus gebleken.

woensdag 26 juli 2017

Müller eruit - Maar de echte aanval is gericht tegen “Veritatis Splendor”

Kardinaal Müller, de prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer, is door paus Franciscus de laan uitgestuurd. De audiëntie waarin dat gebeurde, duurde, volgens de kardinaal zelf, slechts een minuut en was zonder opgaaf van redenen. Kardinaal Müller betwist niet het recht van de paus hem te ontslaan maar wel de de weinig humane manier waarop dat gebeurde. De paus zou zich toch ook aan de sociale leer van de Kerk dienen te houden. Kardinaal Müller is altijd loyaal geweest aan paus Franciscus maar hij heeft wel gezegd dat zelfs een paus de leer van de Kerk niet kan veranderen en dat Amoris Laetitia uitgelegd moet worden in de lijn van de traditionele leer en dat dus mensen die in publiek overspel leven niet zonder bekering de communie kunnen ontvangen. Dat is blijkbaar te veel. Degene die in de Kerk te taak heeft de leer te bewaken, moet volgens Franciscus zijn mond houden, zelfs als de leer in gevaar is. Het is bekend dat voor zover de Congregatie voor de Geloofsleer de tekst van de stukken van Franciscus tevoren te zien kreeg, de opmerkingen van de Congregatie door de paus werden genegeerd. Ik zei laatst tegen een collega: "de paus lijkt wel een linkse Zuid-Amerikaanse dictator". Deze antwoordde: "maar dat is hij ook. Hij heeft niet voor niets zoveel sympathie voor velen van hen". In dat dictatoriale optreden paste ook het plotselinge ontslag enige tijd geleden van enkele naaste medewerkers van kardinaal Müller. Toen deze vroeg: "Maar waarom, heilige vader?", antwoordde Franciscus: "Ik ben de paus, ik kan doen wat ik wil."

Sandro Magister ziet in het ontslag van kardinaal Müller een aanval op de leer zoals die verkondigd is door paus Johannes Paulus II in zijn magistrale encycliek Veritatis Splendor. Franciscus houdt niet van de katholieke moraal die volgens hem te weinig aansluit bij het "echte" leven. Hierin past ook de ontmanteling van de instituten voor het gezin (waar in de naam zelfs Johannes Paulus II is geschrapt) en het leven. In beide instituten worden dubieuze figuren benoemd zoals voorstanders van abortus en mensen die werken met menselijke stamcellen. 

Commentaar van Sandro Magister
5 juli 2017

Op zondag 2 juli, de dag zelf waarop paus Franciscus kardinaal Müller afzette als prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer, steeg vanuit alle katholieke kerken van de Romeinse ritus aan het begin van de Mis het volgende gebed op naar God. Dit gebed heet in het missaal het “collectagebed”:

“Deus, qui, per adoptionem gratiae, lucis nos esse filios voluisti, praesta, quaesumus, ut errorum non involvamur tenebris, sed in splendore veritatis semper maneamus conspicui. Per Dominum nostrum…”

In de officiële nieuwe Nederlandse vertaling:

“God, Gij hebt ons genadevol aangenomen en gewild dat wij kinderen van het licht zijn, wij bidden U: dat wij niet omgeven worden door de duisternis van de dwaling maar altijd stand houden in het schitterend licht van de waarheid. Door onze Heer…..”

Toeval - of Goddelijke voorzienigheid? – heeft ervoor gezorgd dat de afzetting van kardinaal Müller begeleid zou worden door de gezongen liturgische bede dat “het schitterend licht van de waarheid” de Kerk mag blijven verlichten.
“Het schitterend licht van de waarheid” is nu juist de titel van de belangrijkste leerstellige encycliek van Johannes Paulus II, gepubliceerd in 1993.

Het is een encycliek “over enkele fundamentele vragen betreffende de morele leer van de Kerk”: juist de vragen die nu terugkeren en opnieuw een voorwerp van conflict zijn waarbij grote en invloedrijke delen van de Kerk betogen dat het tijd is – met name na de publicatie van “Amoris Laetitia”- enkele van de leidende principes van “Veritatis Splendor” achter ons te laten. Het is voldoende te constateren dat niet minder dan vier van de vijf “dubia” die in september van het vorig jaar aan paus Franciscus zijn voorgelegd door de kardinalen Walter Brandmüller, Raymond L. Burke, Carlo Caffarra en Joachim Meisner juist betrekking hebben op de samenhang of het ontbreken ervan tussen “Amoris Laetitia” en “Veritatis Splendor”. En deze “dubia” zijn nog steeds open vragen, voor een deel vanwege de weigering van paus Franciscus om ze in overweging te nemen en de weigering om de vier kardinalen te ontmoeten.

Maar wat was de ontstaansgeschiedenis en het doel van “Veritatis Splendor”? Om deze vraag te beantwoorden hebben we een uitzonderlijke getuige: Joseph Ratzinger. Als Müllers voorganger aan het hoofd van de congregatie voor de Geloofsleer droeg hij op substantiële wij bij aan het schrijven van deze encycliek. Maar zelfs na zijn terugtreden als paus blijft hij “Veritatis Splendor” beschouwen als “van onveranderde betekenis” en een encycliek die men ook nu nog “moet bestuderen en zich eigen maken”.

In 2014 wijst Ratzinger in een weloverwogen hoofdstuk voor een boek ter ere van Johannes Paulus II geen ander dan “Veritatis Splendor” aan als de belangrijkste en meest relevante van de veertien encyclieken van deze paus. Een hoofdstuk dat verdient herlezen te worden in het licht van wat er nu in de Kerk aan het gebeuren is onder bewind van zijn opvolger Franciscus.

Hier volgt de passage die de emeritus-paus wijdde aan die encycliek:

*

Over “Veritatis Splendor”

De encycliek over morele problemen “Veritatis Splendor” had vele jaren nodig om te rijpen en zij blijft van ongewijzigde betekenis. De Constitutie van Vaticanum II over de Kerk in de wereld van vandaag wilde in tegenstelling met de tendens in de moraaltheologie toen om zich te focussen op de natuurwet, dat de katholieke moraalleereen bijbelse fundering zou krijgen  rond de figuur van Jezus en zijn boodschap. Met horten en stoten heeft men dat gedurende een korte periode geprobeerd. Dan vatte de mening post dat de Bijbel geen eigen morele boodschap heeft maar verwijst naar morele modellen die geldig zijn voor hun tijd en plaats. Moraliteit is een kwestie van de rede, zei men, niet van geloof.
Zo verdween enerzijds de moraliteit begrepen in termen van natuurwet, maar een christelijke opvatting van moraliteit kwam er niet voor inde plaats. En omdat noch een metafysische noch een christologische fundering voor de moraal kon worden geaccepteerd, nam men zijn toevlucht tot pragmatische oplossingen: een moraliteit vanuit het principe van het streven naar het grotere goed, waarin iets niet langer echt kwaad of echt goed is, maar alleen iets dat uit het oogpunt van doelmatigheid beter of slechter is. De grote opgave die Johannes Paulus zich stelde in deze encycliek was de herontdekking van een metafysische fundering in de antropologie, ook als een christelijke concretisering van het nieuwe mensbeeld in de Heilige Schrift. Het bestuderen en het zich eigen maken van deze encycliek blijft een grote en belangrijke plicht.

*

Als we zien wat er vandaag de dag in de katholieke Kerk gebeurt, zelfs op het hoogste niveau, dan zien we dat alle motiveringen voor de encycliek “Veritatis Splendor” opnieuw aanwezig zijn, met dezelfde zo niet grotere dramatische kracht. En zij maken meer dan ooit de bede relevant dat wij mogen blijven in “het schitterend licht van de waarheid” die vorige uit alle kerken opsteeg.

vertaling C. Mennen pr

Onkatholieke dwaasheid

Door: pastoor Mennen

Altijd ben ik van mening geweest dat de Kerk selectief moet zijn in het wijden van diakens. Het moeten mannen zijn van een behoorlijk intellectueel niveau, van voldoende theologische kennis en van een gezonde sensus fidelium (geloofszin). Dat geldt met name ook voor mannen die indertijd als pastorale werker van de theologische faculteiten kwamen en zich (soms om carrièretechnische redenen) aanboden voor het diaconaat. Het is niet erg zinvol mensen te wijden voor een verkondigingsambt in de Kerk die niet de bedoeling hebben het katholieke geloof te verkondigen of die zo’n mankerende geloofskennis hebben dat ze niet weten wat ze zouden moeten verkondigen.
In deze mening word ik opnieuw gesterkt als ik op de opiniepagina van Trouw de bijdrage lees van Rob van Oosten, diaken van het bisdom Den Bosch.

De diaken in kwestie is verbaasd over het standpunt van de katholieke Kerk dat voor de eucharistie echt brood moet worden gebruikt en hij begrijpt  het standpunt over de glutenvrije hosties niet. Naar zijn “heilige overtuiging zit het sacrament van de eucharistie niet vastgebakken aan ‘de materie’”. Nu is het altijd de overtuiging van de Kerk geweest dat zij voor de sacramenten gebonden is aan de materie die Christus zelf gebruikt heeft. Het is zijn wil geweest voor het sacrament van zijn kruisoffer en zijn aanwezigheid brood te gebruiken. De Kerk heeft zich nooit gerechtigd geacht daarvan af te wijken. Ook niet toen door missionering volken tot de Kerk toetraden voor wie rijst het gewone dagelijkse voedsel is. Er is toen aan de Kerk voorgelegd of rijstkoeken (rijstbrood) geen geldige materie voor de eucharistie zou kunnen zijn. Daar is uit eerbied voor de wil van de Heer negatief op geantwoord. Dat heeft ook met de incarnatie te maken: dat God mens werd in een bepaald land en in een bepaalde cultuur, heeft gevolgen voor de tekenen waarvan Hij zich bediende. Stijn Fens heeft het inderdaad beter begrepen dan onze diaken: met het Allerheiligste moet je niet sjoemelen.

De mededeling rond de gluten moet je in dat licht zien. Sinds men de mogelijkheid heeft gluten uit tarwemeel te verwijderen, wordt de Kerk geconfronteerd met de vraag of glutenvrije hosties geldige materie zijn. In een brief van 19 juni 1995 (toen al!) aan de Bisschoppenconferenties heeft de Congregatie voor de Geloofsleer gezegd dat hosties waaruit alle gluten verwijderd zijn geen geldige materie is maar dat er in de hosties een minimale hoeveel gluten moeten zitten zodat het echt brood is.

Nog ernstiger wordt het als de diaken stelt: “niet primair het brood, maar het delen ervan is sacramenteel, in mijn visie”. Dit heeft absoluut niets meer met het katholieke geloof te maken. Dat zou betekenen, dat een Mis waarin geen communie wordt uitgereikt, geen geldig sacrament zou zijn. Dat is een absurditeit die door eeuwenlang katholiek leven wordt tegengesproken!

Beste diaken, het Sacrament van de eucharistie komt tot stand als een geldig gewijd priester in het kader van de Mis de voorgeschreven woorden uitspreekt over de materie van brood en de materie van wijn in opdracht van Jezus bij het laatste avondmaal: “doet dit tot mijn gedachtenis”. Bij die woorden komt het kruisoffer van Christus present in zijn gebroken lichaam en zijn vergoten Bloed en is Hij met zijn Godheid en mensheid, met ziel en lichaam aanwezig in de gedaanten van brood en wijn. Dat is het sacrament van de eucharistie. Een speciale deelname aan dit sacrament geschiedt in de communie, die open staat voor hen die katholiek zijn en niet door ernstige zonde gehinderd zijn het sacrament te ontvangen. Dit en niets anders is de katholieke opvatting.

Aan het eind van zijn bijdrage zegt de diaken dat hij de kerkgangers in Annakerk in Deuteren op zondag 16 juli met de glutenkwestie en met zijn opvatting daaromtrent geconfronteerd heeft. Volgens hem waren de kerkgangers verbouwereerd. Dan kan hoogstens zijn door de wijze van voorstellen van de diaken. Ik weet dat men in betreffende kerk wel gewend is aan het “breken-en-delen-jargon” waarin een bepaald soort “voorgangers” sinds de jaren 70 van de vorige eeuw de eucharistie abusievelijk heeft proberen te vatten. Hierbij sluit de foutieve opvatting van van Oosten over de materie voor de eucharistie en het sacramentele karakter van het delen naadloos aan. Dat oudere mensen in de Nederlandse Kerk wijzer zouden zijn, is niet per se waar, soms wel “misleider” (=meer misleid)..

Het argument dat men het Jezus zelf zou willen vragen en dat die waarschijnlijk geen bezwaar tegen volkomen glutenvrije hosties zou hebben, is een tegenwoordig veel gehoord liberaal non-argument voor talloze zaken. Je kunt op die manier Jezus alles laten zeggen. Zelfs de merkwaardige nieuwe generaal van de jezuïeten maakt zich eraan schuldig. Het is echter de traditionele katholieke opvatting dat Jezus spreekt en handelt door zijn Kerk, en dan niet in zomaar een oprisping van een paus of van een bisschop maar in de constante leer van die Kerk.

Zonder meer vreemd is de nieuwsgierigheid van van Oosten naar hoe paus Franciscus en bisschop de Korte in hun hart over de glutenkwestie denken, daarmee suggererend dat zij het wel niet eens zullen zijn met het officiële standpunt van “de wereldkerk” maar dat officieel wel moeten. Daarmee  veronderstelt de diaken ten onrechte onkatholieke standpunten in dezen bij de paus en bij de bisschop van Den Bosch. Hij vindt dat hij als diaken wél een tegenstem kan laten horen. Nou, dat mag hij niet. Hij heeft als diaken gewoonweg de kerkelijke leer en discipline rond de eucharistie te aanvaarden en iedere verdeeldheid rond de sacramenten te vermijden. Ik raad de diaken voor zijn eigen welzijn en het welzijn van de gelovigen voor wie hij werkt, aan de nummers rond de eucharistie in de Catechismus van de katholieke Kerk nog eens zorgvuldig door te lezen.

Feest van Maria Magdalena
22 juli 2017

dinsdag 4 juli 2017

Als een paard of een muilezel, zonder verstand

De idee dat geslachtsgemeenschap buiten het doel van voortplanting op z’n minst een dagelijkse zonde is steunt op het getuigenis van vele kerkvaders en pausen[1]. Ik schreef hierover in eerdere artikelen (Artikel 1, Artikel 2, Artikel 3). Maar daarnaast steunt het ook ten volle op de H. Schrift. En daarvan geef ik nu enkele citaten, er zouden er veel meer te geven zijn.

Tobias 6, 16-22: “Toen sprak de engel Rafaël tot hem: Luister eens naar mij, ik zal u uitleggen over wie de duivel macht kan hebben. De boze geest heeft macht over hen, die zó het huwelijksleven beginnen, dat ze God buiten hun hart en hun geest verbannen, en enkel zinnelust zoeken als een paard of een muilezel, zonder verstand; maar als gij met haar trouwt en haar kamer betreedt, moet ge u drie dagen lang haar ontzeggen, en slechts met haar bidden. In de eerste nacht zal de boze geest op de vlucht gaan, als de lever van de vis wordt verbrand. In de tweede nacht zult ge worden toegelaten tot de gemeenschap der heilige aartsvaders. En in de derde nacht zult ge de zegen ontvangen, dat ge flinke kinderen ter wereld brengt. Eerst als de derde nacht voorbij is, moogt ge het meisje bezitten in de vreze des Heren, meer gedreven door verlangen naar kroost dan door genot van de zinnen; dan zult ge in het geslacht van Abraham gezegend worden in uw kinderen.”

Tobias 8, 4-10: “Daarna richtte Tobias zich tot het meisje, en sprak tot haar: Sara, sta op; we moeten vandaag, morgen en overmorgen tot God blijven bidden. Deze drie nachten blijven we verbonden met God; eerst als der derde nacht voorbij is, zullen we ons huwelijksleven beginnen. We zijn immers kinderen der heiligen, en kunnen dus het huwelijk niet beginnen als de heidenen, die God niet kennen. Ze stonden dus beide op, en begonnen samen vurig te bidden, dat ze gespaard mochten blijven. En Tobias sprak: Heer, God van onze vaderen; mogen hemel en aarde U loven, met de zee, de bronnen en stromen, en met al uw schepselen die er in wonen. Gij hebt Adam geschapen uit het stof van de aarde, en hem Eva toegewezen als hulp. Welnu dan Heer; Gij weet, dat ik niet uit wellustmijn zuster tot vrouw heb genomen, maar alleen uit verlangen naar kroost, opdat ze uw Naam mogen zegenen in de eeuwen der eeuwen. Ook Sara sprak: Ontferm U over ons, Heer, ontferm U onzer en houd ons beide samen tot op onze oude dag.”

En dat ik deze Bijbelteksten citeer is geen overblijfsel uit mijn Protestantse tijd, de protestanten hebben dit Bijbelboek immers uit hun ‘Bijbel’ geschrapt.



[1] H. Augustinus (De bono viduitatis, c. 4, nr. 5 / Het goed van het huwelijk), Petrus Lombardus (Libri sententiarum, lib. IV, dist. 27, nr 2.4), H. Thomas van Aquino (Summa Theologiae"; aanhangsel, vraag 49, artikel 5), Paus Innocent XI (Errores doctrinae moralis laxioris, 2109), Clemens van Alexandrië (De opvoeder van kinderen 2: 10:95:3), Lactantius (Divinae Institutiones 6: 20)

maandag 3 juli 2017

De protestantisering van de Katholieke Kerk

Auteur: Harry Prins

Vanaf 2 juli leidt kardinaal Gerhard Müller niet langer de Congregatie voor de Geloofsleer in het Vaticaan. Paus Franciscus zegde Müller de wacht aan en verlengde zijn termijn niet. De actie typeert de houding van de paus, die weinig op heeft met de traditionele katholieke gelovigen. Franciscus noemt de Kerk een 'veldhospitaal' en transformeert langzaam maar zeker de Kerk tot een actiecentrum. Met zijn optreden handelt de paus in de geest van de nieuwe katholieke theologie, die na het Tweede Vaticaans Concilie zoveel invloed kreeg.

Het was nota bene een gereformeerde predikant die op pijnlijke wijze die theologie van de jaren zestig fileerde. In een brochure (jaar van uitgave 1969) in de reeks 'Reformatorische stemmen', een uitgave van de Willem de Zwijgerstichting, analyseert dominee en hoogleraar Willem Velema de "tendensen in de huidige rooms-katholieke theologie". De titel geeft de richting van die analyse al aan: 'Op weg naar een nieuwe vrijzinnigheid?'.

Kern van de kritiek van Velema is dat de nieuwe rooms-katholieke theologie niet God, maar de mens centraal stelt. "Men gebruikt het begrippenapparaat en de denkwereld van de geseculariseerde, moderne mens. De bijbelse boodschap kan slechts dáárbinnen een plaats krijgen en mag alleen dáárbinnen functioneren," schrijft Velema. "De boodschap kan zó weinig anders zijn dan een in dienst van deze mens staan, in plaats dáárvan dat hij dóór God ten dienste van deze mens gesteld wordt."

Katholieke theologen als Hans Küng, Karl Rahner, Armand Fiolet en velen na hen, verdedigden deze insteek op de rol van de mens vanuit de gedachte dat de moderne, geseculariseerde mens geen boodschap heeft aan de transcendente God. Fiolet bijvoorbeeld zet volledig in op de mens: in hem is God, in de persoon van Jezus Christus, aanwezig. Velema schrijft hierover: "Zijn mens-zijn [Christus] met ons laat zien, dat ons mens-zijn met de ander een Godsontmoeting is". Kern is de gedachte dat de verlossing niet teweeg wordt gebracht door het offer van Jezus Christus, maar door het mens-zijn. Vergeving van zonden is niet noodzakelijk, het gaat om "waarachtig mens-zijn". Niet Golgotha, maar Bethlehem is het uitgangspunt van de nieuwe theologie.

"Waar we menselijkheid aantreffen, daar is God," schrijft Velema. In de kerk zingt men met regelmaat het lied "Waar vriendschap is en liefde, daar is God". Het lied vertolkt dezelfde gedachte: menselijkheid, humaan optreden, 'God in het gelaat van de ander' (Levinas). Die gedachte sluit één weg naar het heil dan ook uit. Er zijn meerdere wegen die naar het heil leiden, in de nieuwe katholieke theologie geformuleerd als 'de algemene goedheid van de menselijke natuur'. Het licht schijnt niet alleen in het christendom, maar ook in andere godsdiensten en levensbeschouwingen. Er is geen sprake van een Katholiek geloven, maar van een vaag seculier humanisme. Zie hier de bittere vruchten van het Concilie.

Het venijn in de nieuwe theologie zit volgens Velema onder andere in de wijze waarop deze theologen hun gedachten aan papier toevertrouwen. Over Fiolet constateert hij dat het eigenlijke van Fiolet's werk niet begrepen kan worden. De abstracte en betoverende zinnen – deze theologen beoefenen een vorm van magie – bevatten vrijzinnige gedachten, maar een uitgesproken verzet tegen de orthodoxe leer zal de lezer niet aantreffen. Dat wisten de nieuwe theologen treffend te omzeilen. Een Franse theoloog/priester, die een decennium na de brochure van Velema een aantal boeken publiceert waarin hij zelfs de orthodoxe leer vaarwel zegt, weet in betoverende taal de lezer – humanistisch en geseculariseerd – te bedwelmen en te verleiden tot zijn ketterse gedachtegoed. Jacques Pohier, dominicaan (uiteraard), uitgetreden in 1984, weet in 'God in fragmenten' (1985) deze zinnen op te schrijven: "Maar ik moest ontdekken dat de weg verkeerd was. Of liever, dat er iets anders moest gebeuren vóóŕ de weg gevonden werd:
niet een andere voorbereidende fase, maar eerder een andere aarzeling, een andere rustperiode, een ander in elkaar storten van de stevigste grond. Een andere ontbinding. Die van het feit zelf God te zeggen. Die van het feit zelf God te kunnen zeggen. Niet van het feit God te willen zeggen. Maar die van het feit dat God zegbaar zou zijn. De ontbinding van God voor zover hij zegbaar zou zijn. Als God, volgens Eckhart, God wordt als mensen God zeggen, dan gaat het in zekere zin over de ontbinding van God".


Je durft nauwelijks te denken aan al die katholieken (en niet-katholieken) die dit gif hebben gedronken. Die de kerk verlieten, een kerk die het sacrament van boete en verzoening afgeschafte, een kerk die de knielbanken verwijderde, een kerk die alleen nog zingt over 'vriendschap en liefde'. Een humanistische eredienst, waarvoor orthodox-gereformeerden – die hun eigen strijd met humanisten als Kuitert moesten voeren – al in de jaren zestig van de vorige eeuw waarschuwden. Het lijkt erop dat de nieuwe theologen, onder de huidige paus, 50 jaar na dato alsnog winnen.

zondag 2 juli 2017

Heiliging in het huwelijk

De Geschriften 1944, Maria Valtorta. blz, 238 UItgeverij St. Maria Valtorta.

Jezus zegt:
De families die geen families zijn, en die de oorzaak zijn van grote ongelukken die vanuit het innerlijk van de familiale cel zich uitbreiden om de nationale gemeenschap te verwoesten en vandaar de wereldvrede, zijn die families waarin God niet heerst, maar wel de zinnen en het eigenbelang en dus het kindschap van Satan. Ontstaan op een basis van zinnen en eigenbelang, verheffen zij zich niet tot wat heilig is, maar als onkruid dat in het slijk is ontstaan kruipen ze steeds naar de aarde.

De engel zegt tegen Tobias: “Ik zal je leren wie het zijn waarover de duivel macht heeft” (Tob. 6:16).
Oh! er zijn waarlijk echtgenoten die vanaf het eerste uur van hun huwelijk onder duivelse macht staan! Er zijn er zelfs die al voor het huwelijk zo zijn. Er zijn er die, wanneer ze de beslissing nemen zich een metgezel of metgezellin te zoeken, dat niet doen met oprechte bedoelingen maar met bedrieglijke, listige berekeningen, waarin het egoïsme en de zinnelijkheid oppermachtig heersen.

Niets is gezonder en heiliger dan twee die elkaar oprecht beminnen en zich verenigen om het menselijk ras te vereeuwigen en zielen aan de Hemel te geven.
De waardigheid van de man en de vrouw die ouders zijn geworden is de tweede, na die van God. Zelfs de koninklijke waardigheid is daaraan niet gelijk, want de koning, ook de meest wijze, doet niets anders dan zijn onderdanen besturen. De ouders daarentegen trekken Gods blik over zich aan en ontrukken aan die blik een nieuwe ziel, die zij insluiten in het omhulsel van het vlees dat uit hen wordt geboren. Ik zou bijna zeggen dat zij God tot onderdaan hebben, op dat moment, omdat God – door hun rechtschapen liefde die zich verenigt om aan de Aarde en aan de Hemel een nieuwe inwoner te geven – onmiddellijk een nieuwe ziel schept.

Als jullie maar zouden nadenken over jullie macht, waarmee God onmiddellijk instemt! De engelen kunnen niet zoveel. Daarentegen zijn de engelen onmiddellijk bereid zich aan te sluiten bij de daad  van de vruchtbare echtgenoten, om bewaarder te worden van het nieuwe schepsel. Maar groot is het aantal van hen die, zoal Rafaël zegt, de huwelijkse staat op een wijze dat ze God uit zichzelf en uit hun geest verbannen door zich over te geven aan de wellust. En over diegenen heeft de duivel macht (Tob. 6:16-22).

Welk verschil is er tussen het bed van de zonde en het bed van twee gehuwden die het genot niet uitsluiten maar wel de nakomelingschap afwijzen? Laten we niet met woorden goochelen en leugenachtige redeneringen gebruiken. Het verschil is tamelijk klein. Als het door ziekte of onvolmaaktheden raadzaam is of toegestaan dat geen kinderen worden voortgebracht, dan moet men matig leven en zich onthouden van die steriele genoegdoeningen die niets anders zijn dan de bevrediging van de zinnen. Als daarentegen geen enkele hindernis de voortplanting in de weg staat, waarom maken jullie dan van een natuurlijke en bovennatuurlijke wet een immorele daad, door haar in haar doel te verminken?

Als het, om welke oprechte overwegingen dan ook, raadzaam is geen kinderen meer te krijgen, weet dan als kuise echtgenoten te leven en niet als wellustige apen. Hoe willen jullie dat de engel van God over jullie huis waakt, als jullie daarvan een hol van zonde maken? Hoe willen jullie dat God jullie beschermt, als jullie Hem noodzaken Zijn blik vol afkeer af te wenden van jullie bezoedelde nest?

Oh! beklagenswaardig de families die gevormd worden zonder bovennatuurlijke voorbereiding, de families waaruit bij voorbaat elk zoeken naar de Waarheid verbannen is, die de dingen van het hoe en het waarom van het huwelijk leert. Beklagenswaardig de families die gevormd worden zonder een enkele hogere gedachte, maar alleen onder de angel van zinnelijke lust en financiële overwegingen! Hoeveel echtgenoten zijn er die, na de onvermijdelijke gewoonte van de religieuze ceremonie – gewoonte heb ik gezegd, en Ik herhaal het, want voor het merendeel is het niets anders dan een gewoonte en geen streven van de ziel om op dat moment God met zich te hebben – geen gedachte meer wijden aan God, en van het Sacrament, dat niet eindigt met de religieuze ceremonie, maar dan begint en voortduurt zolang het huwelijksleven duurt, volgens Mijn gedachte – evenals het monnikenleven niet duurt zolang de ceremonie duurt – van dat Sacrament een feest maken, en van het feest een uitbarsting van beestachtigheid!
De engel leert Tobias dat, door het gebed vooraf te laten gaan aan de daad, de daad geheiligd en gezegend wordt en zij haar vruchten geeft van ware vreugde en nakomelingen (Tob. 6:16-22; 8:4-10.15-17).

Zo zou men het moeten doen. Overgaan tot het huwelijk, bewogen door een verlangen naar kroost, want dat is het doel van de menselijke vereniging, en elk ander doel is de zonde die de mens als redelijk wezen onteert en de geest verwondt, tempel van God, Die verontwaardigd vlucht, en elk uur God voor ogen hebben. God is geen onderdrukkende cipier, maar een goede Vader, die jubelt om de oprechte vreugden van Zijn kinderen, Die hun heilige omhelzingen beantwoordt met hemelse zegeningen en met instemming, waarvan de schepping van een nieuwe ziel het bewijs is.

Wie zal echter deze bladzijden begrijpen? Alsof Ik de taal spreek van een onbekende planeet zullen jullie ze lezen, zonder er de heilige smaak van te bemerken. Het zal jullie geperst stro lijken, terwijl het hemelse Leer is. Jullie, de wijzen van nu, zullen er de spot meer drijven. En jullie weten niet dat  Satan lacht om jullie dwaasheid, Satan die geslaagd is dankzij jullie onmatigheid, jullie beestachtigheid, en die datgene veroordeelt wat God tot jullie welzijn heeft geschapen: het huwelijk als menselijke eenheid en als Sacrament.
Ik herhaal de woorden van Tobias tot zijn vrouw, opdat jullie ze onthouden en je ernaar richten – als jullie dat nog kunnen – door een rest aan menselijke waardigheid die in jullie overleeft: “Wij zijn kinderen van heiligen, en wij kunnen ons niet verenigen zoals de heidenen die God niet kennen” (Tob. 4:12).

Dat zij jullie norm. Ook al zijn jullie geboren waar de heiligheid al dood was, het Doopsel heeft altijd kinderen van God van jullie gemaakt, van de Heilige der heiligen, en daarom kunnen jullie altijd zeggen kinderen van heiligen te zijn: van de Heilige, en je daarnaar richten. Jullie zullen dan altijd “een nakomelingschap hebben waarin de Naam van de Heer zal worden gezegend” en waar men in Zijn Wet zal leven.
En wanneer de kinderen leven volgens de goddelijke Wet, zullen de gelukkige ouders, omdat die Wet deugd, respect en liefde leert, na God zich als eersten daarover verheugen, de heilige echtgenoten die van hun huwelijk een voortdurende ritus hebben weten te maken en geen schandelijke ondeugd.