maandag 28 mei 2018

Het 'Onze Vader'

Uit: Maria Valtorta, de Geschriften 1943 blz. 139
Uitg. St. Maria Valtorta

De geschriften van Maria Valtorta zijn privé-openbaringen en zijn niet volledig door de Kerk erkend
7 juli 1943

Jezus zegt:
“In het Onze Vader wordt de volmaaktheid van het gebed gevonden. Let op: geen enkele akte is afwezig in de kortheid van de formule. Geloof, hoop, liefde, gehoorzaamheid, berusting, overgave, verzoek, wroeging, en barmhartigheid zijn aanwezig. In het zeggen ervan bidden jullie met heel het Paradijs gedurende de eerste vier verzoeken, en dan, de Hemel verlatend, die de verblijfplaats is die jullie wacht, keren jullie terug naar de aarde, met de armen naar de Hemel geheven blijvend, om te smeken voor de noden van hierbeneden en om hulp te vragen in de strijd om zichzelf te overwinnen om naar boven terug te keren.

'Onze Vader Die in de Hemelen zijt'.
O Maria! Alleen Mijn liefde kon tegen jullie zeggen: zegt 'Onze vader'. Met die uitdrukking heb Ik jullie publiekelijk bekleed met de verheven titel van kinderen van de Allerhoogste en Mijn broeders. Als iemand, verpletterd door de overweging van zijn menselijke nietigheid, eraan kan twijfelen dat hij een kind van God is, geschapen naar Zijn beeld en gelijkenis, dan kan hij, denkend aan Mijn woorden, niet meer twijfelen. Het Woord van God dwaalt niet en liegt niet. En het Woord zegt tegen jullie: zegt 'Onze Vader'.
Een vader te hebben is iets zoets en een krachtige hulp. Ik heb, in de materiële orde, een vader willen hebben op aarde, om Mijn bestaan als kind, jongen en jongeman te beschermen. Daarmee heb Ik jullie willen leren, zowel kinderen als ouders, hoe groot de morele figuur van de vader is. Maar een Vader van absolute Volmaaktheid te hebben, zoals de Vader Die in de hemelen is, is de zoetheid der zoetheden, de hulp der  hulpen. Kijkt naar die Vader-God met heilige vrees, maar laat steeds de dankbare liefde voor de Gever van het leven op aarde en in de hemel sterker zijn dan de vrees.

'Uw naam worde geheiligd'.
Herhaalt, met dezelfde beweging als de serafijnen en alle engelenkoren, bij wie en met wie jullie deelnemen aan de lofprijzing van de Naam van de Eeuwige, herhaalt deze juichende, dankbare en rechtvaardige lofprijzing aan de Heilige der Heiligen. Herhaalt haar terwijl jullie aan Mij denken, God, Zoon van God, Die het vóór jullie heeft gezegd met de hoogste verering en met de hoogste liefde. Herhaalt haar in vreugde en lijden, in licht en duisternis, in vrede en oorlog. Zalig de kinderen die nooit hebben getwijfeld aan de Vader, en in elk uur, in elke gebeurtenis, tot Hem hebben weten te zeggen: 'Uw Naam worde geheiligd'.

'Uw Wil geschiede op aarde zoals in de Hemel'.
Het rijk van de Hemel zal zijn van wie de Wil van de Vader heeft gedaan, en niet van wie woord op woord zal hebben gestapeld en dan in opstand is gekomen tegen de Wil van de Vader, bovengenoemde woorden logenstraffend. Ook hier verenigen jullie je met heel het Paradijs, dat de Wil van de Vader doet. En als de bewoners van het Rijk zo doen, waarom doen jullie het dan niet, om op jullie beurt bewoners van daarboven te worden? Oh! de vreugde die jullie is bereid door de liefde van de Ene en Drie-Ene God! Hoe kunnen jullie je niet de moeite geven om met volhardende wil haar te verwerven?
Wie de Wil van de Vader doet, leeft in God. Levend in God kan men niet dwalen, kan men niet zondigen, kan men zijn verblijfplaats in de Hemel niet verliezen, want de Vader laat jullie niets anders doen dan wat Goed is en wat, het Goede zijnde, behoedt tegen het zondigen en naar de Hemel leidt. Zij die de Wil van de Vader tot de hunne maken, de eigen wil tenietdoen, kennen en smaken op aarde de Vrede die het geschenk is van de zaligen. Wie de Wil van de Vader doet, de eigen ontaarde en verdorven wil doodt, is niet langer een mens: hij is al een geest, bewogen door de liefde en levend in de liefde.
Jullie moeten, met goede wil, jullie wil uit je hart rukken, en in plaats daarvan de Wil van de Vader plaatsen.

Na de smeekbeden betreffende de geest te hebben verricht, want jullie zijn arm en leven temidden van de behoeften van het vlees, vraagt dan om het brood aan Hem Die zorgt voor het voedsel van de vogels in de lucht en de bekleding van de lelies op het veld.

'Geef ons héden ons dagelijks brood'.
Ik heb gezegd heden en Ik heb gezegd brood. Ik zeg nooit iets nutteloos. Heden. Vraagt de Vader dag voor dag om hulp. Het is een maatregel van voorzichtigheid, gerechtigheid, nederigheid.
Voorzichtigheid: Als jullie alles ineens zouden hebben, zouden jullie veel verkwisten. Jullie zijn eeuwige kinderen en bovendien wispelturig. De gaven van God mogen niet worden verkwist. Bovendien, als jullie alles zouden hebben, zouden jullie God vergeten.
Gerechtigheid: Waarom zouden jullie alles ineens moeten hebben, als Ik dag voor dag de hulp van de Vader ontving? En zou het niet onrechtvaardig zijn te denken, dat het goed is als God jullie alles tegelijk geeft, met de onderliggende gedachte met menselijke bezorgdheid, dat, men weet maar nooit, het goed is om vandaag alles te hebben, uit vrees dat God morgen niet geeft? Het wantrouwen, jullie denken daar niet over na, is een zonde. God moet niet worden gewantrouwd. Hij bemint jullie op volmaakte wijze. Hij is de meest volmaakte Vader. Alles ineens te vragen krenkt het vertrouwen en beledigt de Vader.
Nederigheid: Het dag voor dag moeten vragen frist in jullie geest het begrip op van jullie nietigheid, van jullie toestand van arme mensen, en van het Alles en de Rijkdom van God.
Brood; Ik heb gezegd 'brood', omdat het brood de koning van het voedsel is, het onmisbare voor het leven. Met één woord en in het woord heb Ik – opdat jullie het allen zouden vragen – alle behoeften van jullie verblijf op aarde ingesloten. Maar zo verschillend als de temperaturen van jullie spiritualiteit zijn, zo zijn de reikwijdten van het woord verschillend.
'Brood als voedsel' voor hen die een embryonale spiritualiteit hebben tot een zodanige graad, dat het al veel is als ze aan God om het brood weten te vragen voor de verzadiging van hun ingewanden. Er zijn mensen die er niet om vragen, maar het met geweld nemen, God en hun broeders en zusters vervloekend. Die worden door God met toorn bezien, want zij treden het voorschrift  met voeten waaruit de andere geboden voortkomen; 'Bemin uw God met geheel uw hart, bemin uw naaste als uzelf'.
'Brood als hulp' in de morele en materiële noden voor wie niet alleen voor zijn maag leeft, maar ook voor de gedachte weet te leven, in het bezit is van een meer gevormde spiritualiteit.
'Brood-godsdienst' voor hen die, nog meer gevormd, God plaatsen vóór de voldoening van de zinnen en het menselijke sentiment, en al de vleugels weten te bewegen in het bovennatuurlijke.
'Brood-geest, Brood-offer' voor hen die, eenmaal de volle leeftijd van de geest bereikt hebbend, weten te leven in de geest en in de waarheid, die zich bezighouden met het vlees en bloed slechts zoveel als strikt noodzakelijk is om te blijven leven in het sterfelijk leven, totdat het uur komt om naar God te gaan. Dezen hebben zichzelf nu gebeiteld naar Mijn model en zijn levende kopieën van Mij, over wie de Vader Zich buigt met een omhelzing van liefde.

'Vergeeft ons onze schuld, zoals ook wij aan anderen hun schuld vergeven'.
'Vergeef ons onze schuld, zoals ook wij vergeven aan onze schuldenaren'.
Er is, in het getal der geschapenen, niemand, behalve Mijn Moeder, die niet aan de Vader om vergeving heeft hoeven vragen voor een meer of minder grote zonde, overeenkomstig ieders vermogen om kind van God te zijn. Bidt de Vader jullie van de lijst van Zijn schuldenaren te schrappen. Als jullie dat doen met een nederige, oprechte, berouwvolle geest, zal de Eeuwige het in jullie voordeel veranderen.
Maar de wezenlijke voorwaarde voor het verkrijgen van vergeving is om zelf te vergeven. Als jullie alleen vergeving voor jezelf wilt en geen medelijden hebt met jullie naaste, zullen jullie geen vergeving ervaren van de Eeuwige. God houdt niet van de schijnheiligen en de wreden, en zij die hun broeders weigeren te vergeven wijzen de vergeving van de Vader af.
Bedenkt bovendien dat, ofschoon jullie gewond kunnen zijn door jullie naaste, de wonden die jullie God hebben aangedaan oneindig veel ernstiger zijn. Laat deze gedachte jullie aansporen om alles te vergeven, zoals Ik heb vergeven door Mijn Volmaaktheid en om jullie te leren vergeven.

'Leid ons niet in bekoring, maar verlos ons van het kwade'.
God leidt jullie niet in bekoring. God stelt jullie op de proef met gaven van Goedheid en om jullie tot Hem te trekken. Jullie, die Zijn woord verkeerd uitleggen, menen dat het wil zeggen dat God jullie in verleiding brengt om jullie op de proef te stellen. Nee. De goede Vader, Die in de hemelen is, laat het kwaad toe, maar schept het niet. Hij is de Goede, van Wie alle goeds voortkomt. Maar het Kwaad bestaat. Het bestond vanaf het moment waarin Lucifer zich tegen God keerde. Het is aan jullie om van het Kwaad iets Goeds te maken, door het te overwinnen en de Vader om kracht te smeken om het te overwinnen.
Dat is het waar jullie om vragen in het laatste verzoek. Dat God jullie zoveel kracht moge geven om aan de verleiding te kunnen weerstaan. Zonder Zijn hulp zal de verleiding jullie doen buigen, want zij is sluw en sterk, en jullie zijn stompzinnig en zwak. Maar het Licht van de Vader verlicht jullie, de Macht van de Vader sterkt jullie, waardoor het Kwaad sterft en jullie ervan bevrijd blijven.

Dat is waar jullie om vragen in het 'Onze Vader', dat Ik jullie heb geleerd. Daarin is alles vervat, alles aangeboden, alles gevraagd van wat terecht gevraagd wordt. Als de wereld het 'Onze Vader' wist te leven, zou het Rijk van God in de wereld zijn. Maar de wereld weet niet te bidden. Weet niet te beminnen. Weet zich niet te redden. Ze weet alleen te haten, te zondigen en zich te verdoemen.
Maar ik heb dat gebed niet gegeven, niet gemaakt voor de wereld, die er de voorkeur aan heeft gegeven het rijk van Satan te zijn. Ik heb dat gebed gegeven en gemaakt voor hen die Mijn Vader Mij heeft gegeven omdat ze de Zijnen zijn, en Ik heb het gemaakt opdat ze één zullen zijn met de Vader en met Mij, te beginnen in dit leven, om dan de volheid van de Eenheid te bereiken in het andere Leven (Joh. 17).”

Geen opmerkingen: